FANDOM


wie evalueert wie?Edit

de cursist evalueert zichzelf; wordt besproken met de leerkracht

doelEdit

inzicht in eigen leefsituatie keuzes maken communiceren actief medeburgerschap
informatie verwerven en verwerken problemen oplossen diversiteit zelevaluatie en zelfsturing
  • evalueren van de verschillende competenties uit het GDK (inzicht in eigen leefsituatie, info verwerven en verwerken, keuzes maken, problemen oplossen, communiceren, zelfevaluatie en zelfsturing) NOG?
  • producten verzamelen en ordenen; visualisatie van vaardigheden
  • inzicht krijgen in het leerproces
  • activering van cursisten; cursisten betrekken bij evaluatie
  • bruikbaar voor het dagelijkse leven

wanneerEdit

  • continu, geïntegreerd in de lessen
  • bruikbaar voor verschillende leeromgevingen en deelthema's
  • als eindevaluatie

voorwaardenEdit

  • doelpubliek, al dan niet met lees- en schrijfvaardigheden, bepaalt de werkwijze (1 of 2)
  • kunnen reflecteren
  • opbouw: herhaal de opdracht om de cursisten te laten oefenen en het nut te laten ervaren
  • opvolging: bespreking van de resultaten na de evaluatie en op het einde van de cursus
  • beschikken over een memorystick, fototoestel, scanner en printer (handig, niet noodzakelijk)
  • voorzie als leerkracht een paar reserve documenten voor cursisten die er geen meebrengen
  • voorzie als leerkracht een aantal afbeeldingen van situaties voor analfabeten

werkwijzeEdit

werkwijze 1 (cursisten met lees-en schrijfvaardigheden)Edit

  • cursist krijgt een map met fiches met daarop een aantal vragen (cursisten kunnen de fiches ook op een stick kopiëren en documenten inscannen)
  • op elke fiche is er plaats om een "product" te plakken (foto, buskaartje, CV, gele klever, afsprakenkaartje van de dokter, vacature, brochure, ...)

°producten van tijdens de les en/of (evaluatie geïntegreerd in de les als oefening)

°producten van buiten de les (als tranferoefening, als thuisopdracht)

  • onder die producten is ruimte voorzien voor het invullen van vragen die vaardigheden bevragen en aanzetten tot reflectie
  1. welke (nuttige) informatie vind je op het document/de foto/...?
  2. waar krijg je het of waar vind je het?
  3. wat kan/moet je ermee doen?
  4. hoe ga je dat aanpakken?
  5. heb je nog iets nodig?
  6. waar kan je terecht?
  • cursist kan aan het einde van de cursus aanduiden (per product, of voor een selectie van producten)

dit ging: niet/moeilijk/gewoon/makkelijk

volgende keer moet ik ..................

deze informatie is nuttig omdat ..............

  • de leerkracht en/of medecursisten kunnen hierbij feedback geven
  • Voorbeeld: 2 A4’s (links document, rechts vragenblad)

Kleef hier je document/foto/brochure/…

Vul volgende vragen aan:

1. welke (nuttige) informatie vind je op het document/de foto/...?

2. waar krijg je het of waar vind je het?

3. wat kan/moet je ermee doen?

4. hoe ga je dat aanpakken?

5. heb je nog iets nodig?

6. waar kan je terecht?

Vul deze vragen aan op het einde van de cursus:

dit ging: niet/moeilijk/gewoon/makkelijk

volgende keer moet ik ..................

deze informatie is nuttig omdat ..............

werkwijze 2 (analfabeten)Edit

  • cursist krijgt een map met 1 situatiefoto vooraan en 1 situatiefoto achteraan en daartussen fiches met daarop een aantal pictogrammen (bijvoorbeeld: een foto van een zieke persoon in bed en een persoon die genezen is/terug aan het werk is, of een zwangere vrouw en een vrouw met een baby)
  • op elke fiche is er plaats om een "product" te plakken (foto, buskaartje, CV, gele klever, afsprakenkaartje van de dokter, vacature, brochure,...)

°producten van tijdens de les en/of (evaluatie geïntegreerd in de les als oefening)

°producten van buiten de les (als tranferoefening, als thuisopdracht)

  • onder die producten staan een aantal pictogrammen voor het bevragen die vaardigheden en aanzetten tot reflectie. De leerkracht zal dit moeten ondersteunen (in afnemende mate).

(ik heb een aantal pictogrammen verzameld, maar die hier in de tekst zetten is wat complex. Die voeg ik dan toe aan het uiteindelijke Word-bestand.)

  1. welke (nuttige) informatie vind je op het document/de foto/...?
  2. waar krijg je het of waar vind je het?
  3. wat kan/moet je ermee doen?
  4. hoe ga je dat aanpakken?
  5. heb je nog iets nodig?
  6. waar kan je terecht?
  • cursist kan aan het einde van de cursus aanduiden (per product, of voor een selectie van producten). Bij analfabeten zal de leerkracht of een peer dit moeten ondersteunen

dit ging: niet/moeilijk/gewoon/makkelijk

volgende keer moet ik ..................

deze informatie is nuttig omdat ..............

  • de leerkracht en/of medecursisten kunnen hierbij feedback geven

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.